Wensen en inspiratie

Op deze biologische of ekologische boerderij houden de volgende dingen ons bezig. Ontwikkeling is het eerste aandachtspunt. Het maatschappelijke systeem zet ons onder druk. Daarom zoeken we aansluiting met mensen, die de zorg voor deze plek met ons willen dragen. Geld binnenbrengen, in de mate die nu van ons gevraagd wordt voor de grond, vraagt een werkwijze die het kleinschalige regionale en vrijwillige teveel geweld aandoet. Het doet ook geweld aan de natuur als we met agrarisch werk zoveel uit de grond zouden willen halen. Welk amusement moeten we bieden om mensen zóveel geld te laten betalen voor ons werk? Wij zoeken een weg om te kunnen werken vanuit het hart en in samenwerking met de natuur. Het is een flinke uitdaging om deze zienswijze met mensen te delen en onder de aandacht te brengen.

Op een hectare tuin kunnen we biologisch (dynamisch) voedsel verbouwen. En op het terrein bij de woning zie ik een kruiden- en bloementuin ontstaan. Dit arbeidsintensieve werk willen we samen met anderen doen. Regelmatig vragen mensen of ze op ons erf mogen verblijven. We onderzoeken de mogelijkheden om een logeer- of vriendenhuis te starten. Het meewerken aan de agrarische projecten en het inrichten en onderhouden van de gemeenschappelijke ruimte(n) staat centraal. In deze tijd hebben mensen behoefte aan ruimte om kennis, vaardigheden en materiaal te delen in de natuur, zoals op deze plek. We ervaren deze boerderij dan ook als een ontwikkelingsplek voor ondernemerschap en denktank.

De gehoornde koeien grazen in de wei. Zij geven de melk, waar kaas van gemaakt kan worden, en vlees. Ook schapen maken deel uit van het landschap. Bijen, vogels en insecten houden ons landschap levend. Ons biologisch landschap is vitaal: het straalt van de “orgone” energie en trekt mens en dier aan.
Water is een elementair onderdeel van ons bestaan. Stromend water krijgt daarom een centrale plaats in de voedseltuin. We willen flowforms daarin een plaats geven. Gebruikte en organische materialen hebben de voorkeur om mee te werken. Planten en zaden kunnen we delen en ruilen. Tijd is een bijzondere deelnemer: wie tijd durft te nemen om te ontwikkelen, gaat het nut van tijd inzien om vormen te laten ontstaan en ideeën te laten rijpen. Fysieke arbeid geeft een totaal andere kennis en beleving dan op afstand berekende plannen maken aan een bureau. Samenwerken met elkaar vraagt om tijd en ruimte om tot een team te groeien.

Kernbegrippen:

Vitaliteit
Ontwikkeling
We zijn deel van een eindeloze voedselspiraal
De mens zien met zijn eigen vermogen
De grenzen onderzoeken van de beperking die je ziet
Kennis delen brengt ons verder
Vanuit de aanwezige rijkdom denken in plaats van in termen van tekorten

Kortom: vrienden en gasten worden hierbij uitgenodigd om een structurele bijdrage te leveren aan het voortbestaan en de verdere ontwikkeling van “Rûn libben en Grûn”.

Kalfje in de wei

Een ochtend in de nazomer. De koeien zijn uit de nachtwei naar de stal gekomen om te worden gemolken. De nachten zijn vochtig, de dagen nog warm en daardoor ligt er ’s morgens een witte mistlaag over de landerijen.

Ik wandel nog even de wei in, want achterin is een vaars pas bevallen van een kalfje. Het vaarsje is een kleine, zwarte koe (gisteren nog pink), mooi rond en gespierd. Ze staat te grazen en ik zie het kopje van een kalf in de verte boven het gras uitsteken. Het ligt vlak voor haar. Ik ga op een mooie afstand op mijn jas zitten. Hier kan ik ze bekijken zonder dat ik me in hun contact meng. Het kalfje probeert op te staan, maar de moeder richt haar hoorns op haar. Dit gaat een tijdje zo door. Ik praat met ze, want het koetje loeit mijn kant op. Het kalfje staat er nu bij maar de moeder wil het omduwen. Ze weet niet goed wat ze met dit kleine diertje moet. Ze kijkt ook achterom, naar haar achterlijf waar de nageboorte nog naar buiten moet komen. Als ze het kalf nu laat drinken zal haar baarmoeder verkrampen zodat de nageboorte ook wordt losgelaten. Wat een prachtig systeem van het lichaam. Wij kunnen dit als mensen niet evenaren met al onze techniek en gedachten.

Maar het kalfje kan met haar neus de tepel niet vinden. Ik mag van de koe dichtbij komen en het kalfje wil graag zuigen aan mijn vinger. Nu moet ik het niet weglokken bij de moeder. Daarom melk ik het koetje een beetje uit aan een tepel. Prachtige volle biest komt eruit. Het kalf staat nog te ver weg en pakt niet goed die tepel. Ik smeer het snuitje een beetje met de melk in. Uiteindelijk lukt het me: het kalf heeft de tepel nu goed te pakken en zuigt zelf de melk op. Alles ok, ik kan vertrekken. Wat een mooi begin van de dag. De volgende morgen komen moeder en kind samen mee naar de stal. Ze zijn helemaal op elkaar ingespeeld.

De bolle

In Friesland is de stier “de bolle”. De dikke kop van de stier heeft daar weinig mee te maken.

De bolle staat bekend als een beest van enorme proporties: grote kop, dikke horens, veel gewicht en oersterk. Hij kent zijn eigen kracht niet (of weet niet hoe die op jou uitwerkt). Meestal zijn het goeiige dieren. Maar ze kunnen ook speels zijn en plotselinge bewegingen maken. Maakt iets ze bang of kwaad, dan kun je maar beter maken dat je wegkomt.

Een vrij “zakelijk” onderwerp dat tegenwoordig een gevoelige snaar in het publiek raakt is wat er met stierkalveren gebeurt. Op onze melkveehouderij waar de stier nieuwe (melk-)koeien mag verwekken, worden de koeien daarnaast ook geïnsemineerd. Er worden natuurlijk ook zowel koe- als stierkalfjes geboren. Vaak gaan deze naar een kalveropfokbedrijf zodra ze groot genoeg zijn.

Deze boeren (Linda en Jacob Beeker) begonnen een stierenbedrijf [bekijk video Natuurzuiver Jersey vlees]. Die stieren worden ook voor het vlees gehouden, maar leven wel langer. En in de documentaire Boeren met Toekomst zie je hoe boer
John Arink zijn stieren in de wei laat opgroeien zodat ze een mooi leven hebben tot ze naar de slager gaan.
Dat lijkt mij ook ideaal. We hebben nu op die manier een paar jonge ossen in de wei.
We willen graag dat de dieren het naar hun zin hebben. En dat het voor ons ook goed te doen is. Het stierkalfje krijgt bij ons een liefdevolle verzorging net als de koekalfjes: melk van de eigen moeder en na tijdje melk van alle moeders tot het groot genoeg is om over te gaan op hooi en biks van granen (en water, en buiten grazen). Ze staan samen met andere kalfjes in een strohok waar ze persoonlijke aandacht krijgen, goed voedsel en daglicht.

Op een open dag kwam er eens een mevrouw boos naar ons toe. Ze zag een paar kalveren zonder moeder in het strohok staan. Het lukte niet om rustig een gesprek te voeren. Eigenlijk zou het mooi zijn als ik deze bezoekster in de praktijk kon tonen hoe wij hier werken. Dan kan ze het aan den lijve ervaren en misschien begrip opbrengen voor het hoe en waarom van onze werkwijze. We zoeken telkens uit met de koeien die net gekalfd hebben hoe het voor alle partijen: boer, koe en kalf, het beste werkt. Voor iedere situatie werkt het niet hetzelfde. We willen dat een kalf goed benaderbaar is en mee kan groeien in het koppel koeien, en dat het in de wei en op weg naar de stal meegaat met de groep. Sommige jonge dieren zijn heel rustig, andere gaan er als een speer vandoor zodra ze de kans krijgen. En dan kun je uren zoet zijn om het op te zoeken en terug te brengen.

Er zijn meer aspecten aan het houden van dieren. Er is ook verdriet. Een koe die haar kalf kwijtraakt na de bevalling, kan daar verdriet van hebben. Je kunt kijken hoe het werkt. Blijft het kalf langer bij moeder, dan wordt het sterk en vitaal en is er meer hechting. Het is verschillend hoe kalf en koe reageren na scheiding van elkaar. Sommige moeders hebben daar last van en kunnen aandoeningen aan de klauwen (hoeven) krijgen. Daar moet extra zorg aan gegeven worden, onder anderen met voeding. Andere koeien komen dagelijks bij het strohok kijken en maken contact met hun kalf. Zo wennen ze aan de verandering. We laten bijvoorbeeld de verdrietige moeders een tijd lang meerdere kalfjes zogen. Of ze zogen dagelijks een tijdje het kalf in het strohok. Wij leren ervan wat het beste werkt en testen het uit. Als het bedrijf goed rekening houdt met de dieren stralen zij vitaliteit uit en wordt alles beter.

Met alle boerderijdieren moet je bedenken dat het geen huisdieren zoals poezen. Een pink, koe of stier kan van je schrikken, speels van achteren op je af rennen of boos worden en schoppen of plotseling heen en weer bewegen met de gehoornde kop. Blijf ze altijd in het oog houden en praat rustig tegen ze. Een koe weegt zeker 500 kilo dus je kunt gemakkelijk door voorbijrennende koeien tegen een hek worden gedrukt. Of ze kunnen op je voet gaan staan. Kleine kinderen kunnen heel onbevangen zijn met dieren, maar bedenk dat een kind hun reacties en krachtige bewegingen niet kan inschatten.